Leven met dementie
Deze website is een archiefversie. Lees hier meer.

2020 overgangsjaar voor de Wet zorg en dwang (Wzd)

Redactioneel - 13-06-2019

(Bijgewerkt op 19 juni 2019)Tweede Kamer-debat WZD

De ingangsdatum van de Wzd blijft 1 januari 2020. Het eerste jaar wordt wel een overgangsjaar met ruimte om te leren. Over de invulling van dat overgangsjaar gaat de minister praten met de veldpartijen en de inspectie. Vóór 1 juli zal de Tweede Kamer geïnformeerd worden over de invulling van het overgangsjaar. Dit en meer was de uitkomst van het plenaire Tweede Kamer-debat over de invoering van de Wzd-functionaris van 12 juni en de stemming op 18 juni. 

Tweede Kamer-debat 

Onderwerp van het debat was het voorstel voor een wetsaanpassing die ging over de Wzd-functionaris. Maar ook de ingangsdatum van de nieuwe wet en andere onderwerpen kwamen aan de orde, met als belangrijkste uitkomsten:

  • VWS zal de invoering van de Wzd monitoren en over 3 jaar is er een evaluatie. De evaluatie-opzet zal aan de Tweede Kamer worden gestuurd. 
  • Binnen de Tweede Kamer was er brede steun voor dat zowel artsen als GZ-psychologen en orthopedagogen de rol van Wzd-functionaris kunnen vervullen. 
  • Er was ook brede steun voor dat een extern deskundige niet voorafgaand aan het besluit tot onvrijwillige zorg moet worden geraadpleegd, maar alleen als het na 6 maanden niet is gelukt is om onvrijwillige zorg af te bouwen. 
  • Een wijzigingsvoorstel waarmee de minister wilde verduidelijken dat een Wzd-functionaris die zelf geen arts is, nooit het eindoordeel over medische zaken mag vellen, is niet aangenomen omdat het alleen maar voor onduidelijkheid zorgt. In de artikel 10 lid 3 staat nl. al dat  instemming van de betrokken arts altijd nodig is en uit het algemene beginsel van goede zorg (zoals vastgelegd in de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg en de specifieke deskundigheid als beschreven in de Wet BIG), volgt al dat een professional in zijn oordelen niet treedt buiten zijn eigen deskundigheidsgebied.
  • Op 18 juni werden verder amendementen aangenomen om wettelijk te regelen dat:
    • voorstellen over welke disciplines naast artsen als zorgverantwoordelijke mogen optreden, eerst worden voorgelegd aan de Tweede en Eerste kamer;
    • de cliënt en de vertegenwoordiger In onvoorziene situaties direct, zo mogelijk voorafgaande aan het toepassen van onvrijwillige zorg, worden geïnformeerd over hun rechten, waaronder toegang tot de cliëntvertrouwenspersoon en de klachtenprocedure; 
    • dat familie voor wilsonbekwame mensen bij het CIZ een aanvraag voor gedwongen opname kan ondertekenen.

Voorbereidingen

De minister liet weten dat de veldpartijen op dit moment eraan werken om een aantal begrippen uit de Wzd uit te werken, zodat er eenheid in taal ontstaat. En dat er een minsteriele regeling komt voor de registratie van onvrijwillige zorg. 

De ‘body van de wet is al sinds 2017 bekend’, zei de minister. ‘De kern is: onvrijwillige zorg? Denk er goed over na en betrek je collega’s erbij. Het is het tijd om er mee aan de slag te gaan, en in de praktijk te leren. De inspectie zal voor de nieuwe zaken vooral agenderend en stimulerend zijn, en het leren ondersteunen’, aldus de minister. 

Onvrijwillige zorg thuis

Minister Hugo de Jonge van VWSWat de onvrijwillige zorg in de thuissituatie betreft, zei minister De Jonge: ‘Onvrijwillige zorg thuis mag op dit moment niet. We weten dat het - met de beste bedoelingen - wel gebeurt, maar zonder wettelijke kaders en toetsingsmogelijkheden. De Wzd biedt die nu wel. En we moeten met de toepassing daarvan niet langer wachten dan strikt noodzakelijk. Maar onvrijwillige zorg geven is geen plicht, alleen als een organisatie vindt dat ze op een verantwoorde manier onvrijwillige zorg kan geven, moet ze dat doen. Het overgangsjaar biedt de mogelijkheden om te leren.’

De rol van de huisartsen zal wel nog de nodige aandacht krijgen, want de huisartsenvereniging LHV vindt dat de huisarts geen rol heeft bij onvrijwillige zorg thuis. De minister is met de LHV in gesprek en zal in zijn plannen voor het overgangsjaar ingaan op de rol en verantwoordelijkheid van de huisarts bij onvrijwillige zorg in de thuissituatie.

(Bron: LHV)